Er leven ongeveer 30 miljoen Koerden in Turkije, Irak, Iran, Syrië en een beperkt aantal in een paar ex-sovjetstaten. Daarmee zouden de Koerden momenteel het grootste volk zonder land zijn. In Turkije zitten er tussen de 12 en de 20 miljoen Koerden. De talen die de Koerden spreken zijn Kurmanji, Surani en Zaza. Deze Koerdische talen zijn van indo-Europese oorsprong en zijn nauw met elkaar verwant. 75% van de Koerden zijn aanhanger van het Soennitisch geloof, de rest is Alevitisch (Sjiieten, maar minder dogmatisch en meer pluralistisch). Deze 2 geloofsstromingen komen onderling niet met elkaar overéén. De machtsstructuren in Koerdistan zijn traditioneel van aard. (sjeiks, agha’s, stamverband, patronage, eerwraak). Turkije was vroeger deel van het Ottomaanse rijk, een rijk dat zich uitstrekte van Egypte tot Bosnië. Dit rijk raakte echter in verval en werd slachtoffer van kolonialisme van Groot-Brittannië, Frankrijk, Rusland en Italië. Tijdens de eerste wereldoorlog maakte Turkije deel van de centrale mogendheden die de oorlog verloren. Het verdrag van Sèvres (1920) voorzag zelfbeschikkingsrecht voor Koerden en Armeniërs, maar dit zelfbeschikkingsrecht was van zeer korte duur. Ondertussen kreeg de nationale Turkse verzetsbeweging onder Mustafa Kemal (later Atatürk genoemd) met steun van de Koerden steeds meer macht. Het bevrijdingsleger joeg de Britten, de Fransen, de Italianen en de Grieken van een deel van het grondgebied weg. Atatürk was sterk nationalistisch gezind en zorgde voor een vanboven opgelegde verwestering. Het verdrag van Lausanne (1921) voorzag een soevereine staat van Turkije, maar niet langer autonomie voor Koerden. Turkije kende toen een éénpartijstelsel, maar in 1946 volgde een democratisering. Daarna volgde echter staatsgrepen in ’61, ’71 en ’80. De nieuwe grondwet van ’80 was zeer autoritair, de werkloosheid steeg en de sociale onrusten verergerden. De oproep naar een Koerdische afscheiding werd steeds luider. In 1984 begon de PKK onder leiding van Abdullah Öcalan een guerrillaoorlog tegen de Turkse staat. Het Turkse leger kon deze strijd niet alleen aan en betaalde Koerden die dorpswachters werden. 70.000 dorpswachters werden ingezet in de strijd tegen de PKK. Tussen 1984 en 1999 vielen in deze strijd zeker 30.000 doden en vele Koerden moesten gedwongen migreren. De Koerden begonnen zich in het buitenland te organiseren. Omdat ze in Turkije geen recht hadden op een eigen televisiezender kwam er bijvoorbeeld hier in Denderleeuw een Koerdisch televisiestation dat uitzendt per satelliet. Er ontstonden tal van Koerdische instituten in de Europese unie. Turkije ging steeds meer druk zetten op Syrië om Öcalan die in Syrië verbleef het land uit te zetten. Syrië bezweek onder die druk en Öcalan ging politiek asiel zoeken in Europa, maar hij vond geen land die hem asiel wou geven. Na tussenstops in onder andere Moskou en Rome werd hij in 1999 opgepakt in een ambassade in Kenia. De precieze omstandigheden waarin dit gebeurde is niet helemaal duidelijk. Öcalan werd veroordeeld tot de doodstraf, deze doodstraf werd echter omgezet tot levenslange opsluiting. Vandaag zit hij nog steeds als enige gevangene in een gevangenis op een eiland. Van daaruit gaf hij orders aan de PKK om de gewapende strijd te staken en op een vredelievende manier voor de Koerdische zaak te strijden. In 1999 kwam er dus op deze manier een einde aan de gewapende strijd, maar sedert 2004 laait het geweld weer op in Koerdistan. De kenmerken van de Turkse staat is dat het zeer nationalistisch, seculair en centralistisch is. Het leger heeft er veel macht en de eenheid van de staat is heilig. Na 40 jaar op de deur van de Europese unie te kloppen kan Turkije in 2005 aan de toetredingsonderhandelingen beginnen. Het aantal staatsgrepen vertraagde dit proces. Ook de gebrekkige politieke en economische liberalisering, het conflict met de Koerden, het conflict met de Grieken en tal van schendingen van mensenrechten veroorzaakte dit lang duren. Is Turkije een Europees land? In 1815 behoorde het tot het zogenaamde "concert van Europa" en in het begin van de 20ste eeuw toen het rijk in verval raakte werd het "de zieke man van Europa" genoemd. Het land is vrij Westers sedert Atatürk, en het is lid van de NAVO, OESO en de Raad van Europa. De Koerden hopen dat een toetreding tot Europa zal leiden tot meer rechten voor minderheden, betere democratie, en meer respect voor de mensenrechten. Om te kunnen toetreden voerde Turkije al tal van wetgevingen door die voor meer rechten voor de Koerden zouden moeten zorgen. Veel van die wetten zijn echter mooi op papier, maar worden in de praktijk slecht uitgevoerd. Zo hebben ze nu bijvoorbeeld recht op een aantal uren televisie-uitzendingen in de Koerdische taal. Dit gebeurd echter in een voor hen onverstaanbaar Koerdisch dialect en op uren vroeg in de ochtend wanneer niemand televisie kijkt. Ook op vlak van cultuur worden de Koerden onderdrukt. De Koerdische taal mag niet voor het onderwijs en andere officiële doeleinden gebruikt worden. Wel zijn er nu beperkte Koerdische taallessen voorzien. Er zijn ook tal van kleine pesterijen tegen de Koerdische bevolking. Zo is er bijvoorbeeld een verbod op het gebruik van de letters Q en W omdat deze voorkomen in het Koerdisch alfabet en niet in het Turks alfabet. De Koerdische taal mag bijvoorbeeld ook niet gebruikt worden tijdens politieke campagnes. Koerdische politieke partijen lopen steeds het risico om verplicht ontbonden te worden. Zo dreigt een Koerdische partij ontbonden te worden onder andere omdat ze naar Öcalan verwezen met de term "mijnheer Öcalan". Het gebruik van het woord "mijnheer" werd gezien als het ophemelen van een crimineel, iets wat verboden is volgens de Turkse wet. Betogingen zijn ondertussen toegelaten, maar het optreden van de Turkse staat tijdens betogingen is nog steeds repressief. Ook de situatie van vrije meningsuiting is verbeterd, maar nog niet ideaal. Kritiek leveren op de Turkse staat of op het leger is nog altijd strafbaar. Wat het stopzetten van de gewapende strijd ook bemoeilijkt is dat er tijdens het staakt het vuren geen goede amnestiewet is uitgewerkt voor de Koerdische strijders. Het ontbreken van een goede amnestiewetgeving zorgt er onder ander voor dat vele Koerdische strijders ondanks het staakt het vuren gewapend bleven, wat ook een rol speelt in het terug opwaaien van het geweld sedert 2004. (deel 2 verslag jongerenweekend Lombardsijde)

X
F
E
E
D

B
A
C
K