Sherko Fatah in gesprek met Gie GorisSherko Fatah (Berlijn 1964), groeide op in de voormalige DDR als zoon van een Koerdische immigrant en verhuisde in 1975 naar West-Duitsland. Die ervaring voedde hem bij het schrijven van We gaan als het donker wordt. Kerim wil kok worden en later het eetcafé in de stille bergen aan de Irakese grens van zijn vader overnemen. Wanneer zijn vader (een Koerd) door de geheime dienst wordt vermoord, nemen jihadstrijders ‘de zorg’ voor de jongen over. Na een paar maanden trainingskamp slaagt hij erin naar Berlijn te vluchten, en verandert de avonturenroman in een eigentijds en grootstedelijk verhaal.
Interview: Gie Goris (MO)
Sherko Fatah (Berlin 1964), a grandit dans l’ancien DDR en tant que fils d’un immigrant Kurde et a déménagé en 1975 en Allemagne de l’ouest (occidentale). Cette expérience l’a inspiré pour l’écriture de Nous sortons lorsqu’il fait sombre. Kerim veut devenir cuisinier et plus tard reprendre le bistrot de son père dans les montagnes calmes à la frontière avec l’Irak. Lorsque son père (un Kurde) fut tué par les services secrets, des combattants du jihad ont ‘pris soin’/’se sont occupés’ des jeunes. Après quelques mois dans un camp d’entrainement il a réussi à s’enfuir à Berlin et a changé des romans d’aventure en une histoire contemporaine et métropolitaine.

• Don 29.04 | 20:00 – ENG
• € 5 / 4
• Passa Porta, Rue A. Dansaertstraat 46, 1000 Brussel
Petra Broeders
 
tel + 32 (0)2 226 04 51 (direct)
tel + 32 (0)2 223 68 32 (alg)
 
Het beschrijf, c/o Passa Porta, Rue A. Dansaertstraat 46, B – 1000 Brussel/Bruxelles
www.beschrijf.be / www.passaporta.be

Sherko Fatah (Berlijn 1964), groeide op in de voormalige DDR als zoon van een Koerdische immigrant en verhuisde in 1975 naar West-Duitsland. Die ervaring voedde hem bij het schrijven van We gaan als het donker wordt. Kerim wil kok worden en later het eetcafé in de stille bergen aan de Irakese grens van zijn vader overnemen. Wanneer zijn vader (een Koerd) door de geheime dienst wordt vermoord, nemen jihadstrijders ‘de zorg’ voor de jongen over. Na een paar maanden trainingskamp slaagt hij erin naar Berlijn te vluchten, en verandert de avonturenroman in een eigentijds en grootstedelijk verhaal.
“Fatah schrijft beeldend en zintuiglijk. Sinds zijn vroege jeugd verbleef hij meerdere malen voor langere tijd in zijn vaders vaderland. Dat merk je. Hij kent het door en door. Met weinig woorden, zonder specifieke plaatsen te noemen, tovert hij hele landschappen tevoorschijn. En hoe divers ook, zijn personages zijn stuk voor stuk mensen van vlees en bloed. Fatah verklaart niets. Hij registreert alleen maar en dat geeft een dwingende en onontkoombare kracht aan zijn taal. Het is een roman die veel vragen oproept en je met nog meer vragen achterlaat. Goede literatuur dus”.
(De Standaard, ‘Spoorloos in Berlijn’, 02/04/2010)
Interview: Gie Goris (MO*)

Programma in het Engels
Organisatie: Het Beschrijf i.s.m. het Koerdisch Instituut vzw en Uitgeverij Cossee in het kader van de Literaire Lente.

X
F
E
E
D

B
A
C
K