²Het Koerdisch Instituut is bijzonder verheugd met de finale uitspraak vanwege de Belgische rechtbanken. De PKK is geen terroristische organisatie. Hieronder meer informatie met betrekking tot de uitspraken vanwege de Belgische gerechtshoven.

Op 8 maart 2019 stelde het Hof van Beroep te Brussel (Kamer van Inbeschuldigingstelling) dat 41 personen en entiteiten die door de Federale Procureur werden vervolgd als leiders van- of deelnemers aan de activiteiten van een terroristische organisatie (waarmee bedoeld werd de Koerdische Arbeiderspartij PKK) buiten vervolging. Het arrest van het Hof van Beroep stelt dat de PKK geen terroristische organisatie is maar wel een niet-statelijke partij in een niet-internationaal gewapend conflict. Daarom is het internationaal humanitair recht (de wetten van de oorlog) van toepassing en niet de antiterrorisme wetten.

De Federale Procureur en de Turkse Staat tekenden cassatieberoep aan tegen deze belangrijke beslissing. Op 28 januari 2020 verwierp het Hof van Cassatie deze beroepen. De beslissing van het Hof van Beroep houdt dus stand.  Daarmee komt niet alleen een einde aan 10 jaar procedure in deze specifieke zaak maar ook aan de criminalisering van de PKK en allerlei andere Koerdische organisaties of personen die daar -volgens het Openbaar Ministerie- mee verbonden zijn.

De belangrijke beslissing van het Brusselse Hof van Beroep viel kort nadat de Rechtbank van Eerste Aanleg van de Europese Unie in zijn arrest T 316/14 van 15 november 2018 de opname van de PKK op de Europese lijst van terroristische organisaties tussen 2014 en 2017 vernietigde wegens een gebrek aan motivatie. De Europese Unie tekende beroep aan en plaatste de PKK onmiddellijk terug op de lijst weliswaar met identiek dezelfde motivatie als de beslissingen die door de Rechtbank van Eerste Aanleg als ondeugdelijk werden beschouwd. De PKK stelde beroep in tegen deze nieuwe en manifest onterechte en onwettige opname op de lijst.

De beide rechterlijke beslissingen zijn van groot belang zowel voor de PKK als bij uitbreiding voor de Koerden.

Het conflict tussen de Koerden en de Turkse Staat woedt al decennialang. De Turkse Staat heeft de Koerdische emancipatiebeweging in de brede zin van het woord steeds gecriminaliseerd als “terroristisch” en “gecontroleerd door de PKK”. Die criminalisering is het voorwendsel geweest voor massale schendingen van de grondrechten, recht op vrije meningsuiting, recht op vereniging, verbod op foltering, recht op leven enz. van al diegenen die opkwamen voor de rechten van de Koerden in Turkije. Ze heeft ook geleid tot massale militaire campagnes tegen de Koerdische bevolking zoals deze eind 2015 en begin 2016 waarbij meerdere Koerdische steden of delen ervan met de grond werden gelijkgemaakt en op massale schaal oorlogsmisdaden werden begaan, dit alles onder het mom van “strijd tegen het terrorisme”.

Terwijl de meeste landen van de Europese Unie in de jaren 1990 nog erg kritisch stonden tegenover de Turkse criminaliseringspolitiek, hebben ze geleidelijk na 2001 die politiek overgenomen en de PKK (maar bij uitbreiding ook alles wat verondersteld werd met de PKK banden te hebben) in groeiende mate gecriminaliseerd als “terroristisch”.

De 2 recente beslissingen zouden een begin van een kentering kunnen zijn.

Door de PKK niet meer te beschouwen als een terroristische organisatie maar als partij in een gewapend conflict wordt niet alleen de juridische benadering van de Koerdische beweging in overeenstemming gebracht met het internationaal recht. De weg wordt ook vrijgemaakt voor een meer evenwichtige benadering van de Turks-Koerdische problematiek. En vooral wordt ruimte geschapen voor diplomatieke initiatieven om een politieke oplossing van het conflict te ondersteunen. Zolang de EU als lijn aanhield dat de PKK terroristisch was en dat er dus een “goede” en een “slechte” partij in het conflict is was dat onmogelijk want terrorisme kan alleen bestreden worden. Een conflict daarentegen moet opgelost worden.

Tijdens een persconferentie op donderdag 30 januari (zie onze activiteitenkalender voor meer details) zullen Koerdische prominenten commentaar geven bij de beslissingen van het Belgisch en het EU-gerecht en het belang ervan voor de Koerdische gemeenschap. Leden van het Europees parlement zullen bespreken hoe deze beslissingen nieuwe perspectieven openen voor de EU om een positieve bijdrage te leveren tot de totstandkoming van een politiek oplossing voor het Turks-Koerdisch conflict. Advocaten zullen toelichting geven bij de beslissingen zowel van de Belgische rechtbanken als voor het EU gerecht.

X
F
E
E
D

B
A
C
K